Groep 4-5

In groep 4/5a wordt lesgegeven door juf Nettie Scholtens op maandag, dinsdag en woensdag. Op donderdag en vrijdag wordt er lesgegeven door juf Frouke Kloosterman. De groep 4 leerlingen zijn vrijdag om 12.00 uur vrij.  

In groep 4/5a wordt elke ochtend tijd besteed aan het lezen, rekenen en schrijven.  In de middag besteden we tijd aan wereldoriëntatie, verkeer, muziek en creatieve vorming. Dit doen we in samenwerking met groep 5b/groep 6. Waar het gewenst is wordt er groepsdoorbrekend gewerkt. 

In groep 4 begint het 'huiswerk', kinderen krijgen een dictee mee naar huis om te oefenen voor het controledictee. Ook krijgen ze de 'keertafels' mee. Sommige kinderen krijgen extra oefenstof na overleg met de ouders. In groep 5 wordt het huiswerk uitgebreid. 

De belangrijkste leerdoelen groep 4:

Lezen: Van losse woorden ging je kind al naar korte zinnetjes, maar nu krijgt hij langere zinnen te lezen. De boekjes worden moeilijker. Hadden de boeken in groep 3 nog woorden met één lettergreep, nu zijn woorden en zinnen langer. In groep 4 maakt je kind een begin met voortgezet technisch lezen. Voortgezet lezen betekent dat de snelheid toeneemt. Tempo-lezen dus. Ook worden de woorden moeilijker en de zinnen langer en ingewikkelder. De teksten zijn niet alleen meer verzonnen verhaaltjes, er komen ook informatieve teksten bij.

Begrijpend lezen:  In groep 4 begint het begrijpend lezen. Je kind kan dan wel alle woorden netjes lezen, maar moet wel begrijpen wat er staat. Dat oefent hij met werkjes waarin vragen gesteld worden over de tekst.

Spelling: In groep 4 wordt veel aandacht besteeds aan het leren spelen.  Kinderen leren nu verschillende woorden onderscheiden om ze vervolgens goed op te schrijven. Het leren spellen gaat in stapjes. Een goede manier om spelling goed onder de knie te krijgen is behalve veel oefenen ook heel veel lezen.

Rekenen: In groep 4 leren kinderenoptellen en aftrekken met tientallen, ze gaan ook rekenen met grotere geldbedragen. In groep 4 gaat je kind beginnen met het leren van de tafels van vermenigvuldiging. Eerst komen de ‘makkelijke’ tafels aan bod, zoals die van 10 en die van 1 tot en met 5. Het is belangrijk dat je kind alle tafels uit het hoofd kent, oftewel kan automatiseren. Hiermee leg je de basis voor verdere rekenvaardigheden, zoals het delen en vermenigvuldigen van grotere getallen. Ook staan in groep 4 maten en gewichten, klokkijken(digitaal) en geldsommen centraal.

Schrijven: In groep 4 leren de kinderen hoofdletters schrijven. De kinderen leren niet alleen hoe je ze schrijft, maar ook wanneer je ze schrijft. Voor de hand liggend is natuurlijk bij het schrijven van namen, maar ook leert hij hoe je een zin schrijft: beginnen met een hoofdletter en eindigen met een punt.

Wereldoriëntatie  De focus van je kind op de wereld wordt breder. Gingen cultuur- en algemene vakken eerste over zaken dicht bij huis, nu gaat het meer over de wereld om je heen. Denk aan het verschil tussen culturen en godsdiensten, maar ook het indelen van het dierenrijk in verschillende soorten.

De belangrijkste leerdoelen groep 5:

In groep 5 wordt de lesstof beetje bij beetje complexer en er wordt er steeds meer een groeiend inzicht van je kind verwacht bij zowel lezen als rekenen. Bovendien krijgt je kind vanaf groep 5 ook ‘zaakvakken’: aardrijkskunde, geschiedenis, natuur en techniek. 

Lezen/taal: Als je kind in groep 5 komt, kan hij of zij al aardig goed lezen. Maar de zinnen zijn nog vrij kort en langere woorden vormen nog een struikelblok. Daar komt in groep 5 verandering in. Aan het eind van groep 5 leest het gemiddelde kind op niveau AVI-E5: zinnen van tien à elf woorden zijn geen probleem meer en met drie- of zelfs vierlettergrepige woorden kan hij goed uit de voeten.

Er wordt gewerkt aan onderstaande doelen:

  • Lezen: AVI-E5
  • Stellen: een e-mail, brief, verhaal, gedicht, boekverslag. Met goed gebruik van hoofdletters en leestekens (punt, komma)
  • Spreken/luisteren: spreekbeurt houden, muurkrant of werkstuk maken
  • Spelling: woorden op -je, -pje, -kje of -etje; woorden met -lijk en -ig; woorden met -elen, -enen, -eren; woorden met f/v- en z/s-verandering
  • Grammatica: werkwoorden herkennen
  • Woordenschat: passief 9000 woorden, actief 5000 woorden

Begrijpend lezen: Woorden en zinnen kunnen lezen is één ding, maar begrijpen wat er staat is iets heel anders. In groep 4 is al begonnen met begrijpend lezen, in groep 5 en 6 (en de groepen hierna) wordt hier volop mee doorgegaan. Begrijpen wat je leest is de sleutel tot kennis die schriftelijk is vastgelegd.Je kind gaat op steeds meer manieren met taal aan de slag en maakt in deze groep ook al kennis met grammatica: werkwoorden herkennen.

Spelling: Het aanleren van de spellingsregels staat in groep 5 centraal. Leerde je kind in groep 4 nog voornamelijk woorden van één lettergreep spellen, nu worden die regels verbreed naar woorden van twee of drie lettergrepen. Ook komen er nieuwe spellingcategorieën aan bod.

Rekenen: In groep 5 gaan de kinderen intensief aan de slag met getallen tot 1000. De kinderen leren optellen en aftrekken onder de 1000 en ook wordt er een begin gemaakt met de eerste berekeningen tot 10.000.Er wordt ook een start gemaakt met het leren van decimalen (‘kommagetallen’). Verder leert je kind nu moeilijker rekenen met geld (nu ook met bedragen achter de komma en geld teruggeven), leert het oppervlakte en omtrek uitrekenen en maakt het kennis met lengte- en inhoudsmaten en gewichten.In groep 5 gaat je kind al volop aan de slag met deelsommen. In het begin met eenvoudige sommetjes die voorkomen in de tafels van vermenigvuldiging, maar al snel ook met tientallen. Eind groep 5 moet je kind kunnen klokkijken. Zowel op een klok met wijzers als op een digitale klok en tot op de seconde.

Wereldorientatie: In groep 5 wordt het vakkenpakket uitgebreid met de ‘zaakvakken’: aardrijkskunde, geschiedenis, biologie, natuur en techniek. Ze worden ook wel aangeduid met de verzamelnaam ‘wereldoriëntatie’: lessen die je kind kennis van de wereld bijbrengen. Voor de zaakvakken worden de methoden: Naut, Brandaan en Meander gebruikt. 

In de groepen 5, 6, 7 en 8 wordt de geschiedenis chronologisch behandeld. Het digibord speelt een grote rol en het bijhorende het werkboek is zodanig opgezet, dat de leerlingen grote delen van de lessen ook zelfstandig kunnen verwerken. Nieuwsgierigheid opwekken speelt een rol bij ieder thema. Daarna gaan de kinderen kennis opbouwen en verwerken in het eerdergenoemde werkboek. Ieder thema wordt afgesloten met een thema en toets. De samenvatting gaat samen met het werkboekje mee naar huis om de toets te leren. 

 Voor het vak Kennis der Natuur wordt de nieuwe methode “Naut” gebruikt. In deze methode zit natuur en techniek verweven. De opzet is vergelijkbaar met Brandaan. Ook de Techniektorens en of techniekkar worden ingezet voor het techniekonderwijs. Belangrijk is dat we daarbij de wetenschappelijke methode toepassen. 

Voor aardrijkskunde wordt gebruik gemaakt van de methode “Meander” in de groepen 5 t/m 8. Naast de lessen uit de methodes worden ook school-tv-lessen gevolgd. Tevens worden voor Natuur- en milieueducatie door verschillende groepen excursies verzorgd. 

Belangrijkste onderwerpen:

  • Geschiedenis: kennismaking met tijdvakken
  • Aardrijkskunde: provincies van Nederland (topografie), plattegronden lezen, grondsoorten in Nederland
  • Biologie en natuur: gezonde voeding, klimaat in Europa, weerbeeld per seizoen, zintuigen, ademhaling
  • Techniek: licht, geluid, magneten
  • Godsdienst: belangrijke personen en gewoontes in wereldreligies (christendom, jodendom, islam)
  • Mens en maatschappij: omgaan met geld, werkwijze politie, verkiezingen, aandacht voor pesten en discriminatie

 

 

 

SOOOG Magazine 2020 - februari

Gepubliceerd door: SOOOG
In dit SOOOG Magazine leest u een aantal boeiende artikelen over ontwikkelingen en veranderingen in het aanbod binnen onze organisatie.
 

OBS DE WIEKSLAG

Clusterdirecteur: Annet Flim

Schoolcoördinator: Madelon Klaassens

Bezoekadres:

Veurste Rou 4
9697 RZ Blijham

Postadres:

Postbus 6
9677 ZG Heiligerlee

0597-562070

obsdewiekslag@sooog.nl